subscribe: Posts | Comments

Eigendomsoverdracht onroerende zaak Turkije

0 comments

Eigendomsoverdracht onroerende zaak Turkije

Het geschil spitst zich toe op de vraag of het appartementencomplex in Turkije tot het vermogen van appellante gerekend dient te worden. Appellante verzet zich tegen de intrekking van haar bijstand vanaf 17 april 2007 omdat het appartementencomplex vanaf die datum door verkoop en overdracht aan haar broer niet langer tot haar vermogen gerekend kan worden.


1 Wraking van de wrakingskamer. 2 Verzoekers maken met het tweede verzoek om wraking van de behandelend rechters misbruik van het rechtsmiddel wraking. Een volgend verzoek om wraking wordt in geval van misbruik niet in behandeling genomen.

0 comments

1 Wraking van de wrakingskamer. 2 Verzoekers maken met het tweede verzoek om wraking van de behandelend rechters misbruik van het rechtsmiddel wraking. Een volgend verzoek om wraking wordt in geval van misbruik niet in behandeling genomen.

Aan het verzoek om wraking van de rechters die zitting hebben in de wrakingskamer zijn geen op de persoon van die rechters betrekking hebbende feiten of omstandigheden naar voren gebracht waarin een bezwaar zou zijn gelegen tegen behandeling van het wrakingsverzoek door die rechters. Het verzoek om wraking van de wrakingskamer is, gelet op de daarvoor door de gemachtigde gegeven motivering, een uiting van het standpunt dat een verzoek om wraking van één of meer rechters van de Raad moet worden behandeld door een wrakingskamer die is samengesteld uit leden van buiten de Raad.


Bij een vernietiging van een besluit dient de bestuursrechter op kenbare wijze de mogelijkheden tot definitieve beslechting van het geschil te onderzoeken

0 comments

Bij een vernietiging van een besluit dient de bestuursrechter op kenbare wijze de mogelijkheden tot definitieve beslechting van het geschil te onderzoeken

Het bezwaar is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard, zodat het besluit op bezwaar zal moeten worden vernietigd. De Raad dient aansluitend te bezien welk vervolg aan deze uitkomst wordt gegeven. Daarbij stelt de Raad voorop, dat de bestuursrechter bij een (te verwachten) vernietiging van een besluit op kenbare wijze de mogelijkheden tot definitieve beslechting van het geschil behoort te onderzoeken. Dit houdt in, dat de bestuursrechter eerst dient na te gaan of de rechtsgevolgen van een te vernietigen besluit in stand kunnen worden gelaten dan wel of hij zelf in de zaak kan voorzien.


Appellante heeft voldaan aan de voorwaarde voor het recht op langdurigheidstoeslag nu zij binnen de referteperiode de teveel ontvangen bijstand als gevolg van schending van de inlichtingenverplichting heeft terugbetaald

0 comments

Appellante heeft voldaan aan de voorwaarde voor het recht op langdurigheidstoeslag nu zij binnen de referteperiode de teveel ontvangen bijstand als gevolg van schending van de inlichtingenverplichting heeft terugbetaald

Appellante heeft in de referteperiode uitsluitend bijstand als inkomen ontvangen. Binnen deze periode heeft appellante als gevolg van schending van de op haar rustende inlichtingenverplichting gedurende ruim vijf maanden ten onrechte bijstand naar de norm voor gehuwden ontvangen. Eveneens binnen de referteperiode is dit gecorrigeerd, in die zin dat de bijstand is herzien en teruggevorderd en appellante het teruggevorderde bedrag heeft terugbetaald.

DGA heeft zijn inkomsten uit arbeid niet opgegeven waardoor zijn WAO-uitkering met terugwerkende kracht is ingetrokken

De activiteiten voor de BV en voor in Portugal opgerichte ondernemingen zijn aan te merken als arbeid in het economisch verkeer en niet als normaal vermogensbeheer. De activiteiten zijn niet opgegeven aan het Uwv. Het Uwv moest de inkomsten schattenderwijs vaststellen. Het Uwv is uitgegaan van het fictieve inkomen van een DGA zoals dat in vergelijkbare gevallen door de belastingdienst wordt gehanteerd. De fictieve loonwaarde kan in casu mede gelet op de forse toename van de fiscale reserve als voorzichtig/laag worden bestempeld.


Betrokkene betaalt per maand een aanzienlijk hoger bedrag aan onderhoudskosten voor het kind dan de vader. Hieruit volgt dat betrokkene voor toekenning van kinderbijslag in aanmerking komt.

0 comments

Betrokkene betaalt per maand een aanzienlijk hoger bedrag aan onderhoudskosten voor het kind dan de vader. Hieruit volgt dat betrokkene voor toekenning van kinderbijslag in aanmerking komt.

In geding is de vraag of betrokkene het kind onderhoudt als een eigen kind, zoals bedoeld in artikel 7, lid 10, van de AKW. De Raad kan de SVB niet volgen in diens stelling dat uit rechtspraak van de Raad valt af te leiden dat, zodra een derde in belangrijke mate bijdraagt in het onderhoud van het kind, van onderhouden als eigen kind niet meer gesproken kan worden. Voor deze stelling vindt de Raad geen steun in zijn rechtspraak. In de wet- en regelgeving inzake de AKW is geen nadere omschrijving gegeven van het begrip onderhouden als eigen kind.

Hoger beroep ontvankelijk ondanks mededeling van berusting aan andere partij

Betrokkene heeft zich in hoger beroep op het standpunt gesteld dat het hoger beroep van appellant niet-ontvankelijk verklaard moet worden nu appellant bij brief van 30 november 2009 aan betrokkene heeft laten weten te berusten in de aangevallen uitspraak en uitvoering te zullen geven aan die uitspraak. Dit standpunt van betrokkene kan niet worden gevolgd aangezien appellant geen hoger beroep heeft ingetrokken, maar aan betrokkene per brief heeft laten weten af te zien van het instellen van hoger beroep en vervolgens binnen de beroepstermijn toch hoger beroep heeft ingesteld.


Terugkomen van de gedragslijn inzake het zonder bewijsstukken accepteren van gedeclareerde kosten griffierecht en eigen bijdragen rechtsbijstand

0 comments

Terugkomen van de gedragslijn inzake het zonder bewijsstukken accepteren van gedeclareerde kosten griffierecht en eigen bijdragen rechtsbijstand

De Raad stelt voorop dat aan het bestuursorgaan niet de bevoegdheid kan worden ontzegd om terug te komen van een eerder gevolgde gedragslijn, waarbij geclaimde kosten ter zake van verschuldigde griffierechten en eigen bijdragen voor rechtsbijstand kennelijk door middel van bijzondere bijstandsverlening werden vergoed zonder dat bewijsstukken van die kosten werden verlangd.


Toine Gresel op het symposium van RRA Advocaten NV

0 comments
Toine Gresel op het symposium van RRA Advocaten NV
Speeltijd: 00:05:14
View: 18
Voordracht van Toine Gresel tijdens het symposium van RRA Advocaten NV


Het nut van goede algemene voorwaarden.

0 comments
Het nut van goede algemene voorwaarden.
Speeltijd: 00:00:43
View: 298
Mr. Marcel Westphal van Westphal Advocatuur uit Nuenen legt uit wat de meerwaarde is van Algemene Voorwaarden voor startende en groeiende ondernemers in de regio Eindhoven. Daarnaast legt hij uit hoe (more)


Verkoop van goederen op internet en de gevolgen daarvan voor het recht op bijstand

0 comments

Verkoop van goederen op internet en de gevolgen daarvan voor het recht op bijstand

Appellant heeft aangevoerd dat er geen sprake was van inkomsten, omdat de goederen die werden verkocht al bij hem in bezit waren, zodat slechts sprake was van een omzetting van goederen in geld. De Raad stelt voorop dat het, anders dan appellant veronderstelt, voor de toepassing van de WWB niet verboden is om goederen via internet te verkopen, mits daarvan melding wordt gemaakt aan het bijstandverlenend orgaan indien daarmee inkomsten worden gegenereerd.

Betrokkene is geen werknemer in de zin van de WW nu de overeenkomst met Pflex niet strekt tot verrichten van arbeid, maar gericht is op re-integratie

Gedaagde, die een bijstandsuitkering ontving, heeft in het kader van een re-integratieproject van de gemeente met P/flex (een onderdeel van de Randstad-Groep) een arbeidsovereenkomst als bedoeld in art. 7:690 van het BW (uitzendovereenkomst) gesloten voor 20 uur per week met een looptijd van ruim een jaar. In die periode heeft hij zich op locatie van Randstad Rentree uitsluitend gedurende 1 tot 2 uur per week bezig gehouden met het volgen van sollicitatietraining, het zoeken naar vacatures in verschillende bronnen en het schrijven van sollicitatiebrieven.


Celstraf voor het plegen van ontucht met Bengalese minderjarige jongens

0 comments

Celstraf voor het plegen van ontucht met Bengalese minderjarige jongens

Arnhem 23 juni 2010 – De rechtbank heeft vandaag een 58-jarige man veroordeeld tot een celstraf van 18 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. De rechtbank acht bewezen dat de man in verschillende opvangtehuizen voor (ook gehandicapte) straatkinderen in Bangladesh ontucht heeft gepleegd met minderjarige jongens.


« Previous Entries Next Entries »