Uitspraak Haagse hof in kort geding over ontruiming Leidse kraakpanden
Uitspraak Haagse hof in kort geding over ontruiming Leidse kraakpanden
Den Haag, 18 februari 2010 – Het gerechtshof ‘s-Gravenhage heeft op 18 februari 2010 het vonnis van de Haagse rechtbank in het kort geding van de gemeente Leiden tegen de Stichting Vrijplaats Koppenhinksteeg en anderen tot ontruiming van de panden Koppenhinksteeg 2, 2b, 2c en 4 en Hooglandse Kerkgracht 4 te Leiden op hoofdlijnen bekrachtigd. Dat betekent dat de huidige gebruikers die panden op korte termijn moeten verlaten en dat de gemeente zo nodig de panden met de sterke arm van politie en justitie zal mogen ontruimen.
Vijf jaar cel voor verdachte oplichting niet bestaande vakantiewoningen
Groningen, 18 februari 2010 – De man die werd verdacht van oplichting door het verhuren van niet bestaande vakantiewoningen aan mensen in Nederland en België is door de rechtbank Groningen veroordeeld tot vijf jaar gevangenisstraf. De verdachte bood de woningen aan via de website Villaspanjehuren.nl. Het buitgemaakte geld heeft de veroordeelde witgewassen.De duur van de opgelegde straf is een jaar langer dan door de officier van justitie geëist.
Uitspraak over vergoedingen bij kennelijk onredelijk ontslag (II)
Uitspraak over vergoedingen bij kennelijk onredelijk ontslag (II)
De kern van de uitspraak is dat bij schadevergoedingen wegens kennelijk onredelijk ontslag een algemene formule niet kan worden toegepast. De beslissing van het hof Arnhem wordt vernietigd en het hof Den Bosch moet de zaak opnieuw behandelen.AchtergrondBij beëindiging van een arbeidsovereenkomst kan de rechter in sommige gevallen aan de werkgever de verplichting opleggen om een vergoeding aan de werknemer te betalen.
Uitspraak Hoge Raad op 12.2.2010 over vergoedingen bij kennelijk onredelijk ontslag (II)
Uitspraak Hoge Raad op 12.2.2010 over vergoedingen bij kennelijk onredelijk ontslag (II)
Bij beëindiging van een arbeidsovereenkomst kan de rechter in sommige gevallen aan de werkgever de verplichting opleggen om een vergoeding aan de werknemer te betalen. Dat kan gebeuren in een procedure tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst (die de werkgever of de werknemer instelt) of in een geding dat de werknemer, na een hem gegeven ontslag, tegen de werkgever aanspant omdat hij meent dat sprake is van een kennelijk onredelijk ontslag.



