Hoge Raad vernietigt uitspraak hoven over rookverbod in horeca
Hoge Raad vernietigt uitspraak hoven over rookverbod in horeca
De kern van de uitspraak is dat de door het hof ’s-Hertogenbosch gegeven vrijspraak wordt vernietigd. Het hof Arnhem zal de zaak opnieuw moeten berechten met inachtneming van de uitspraak van de Hoge Raad.AchtergrondAan de verdachte is tenlastegelegd dat hij als beheerder van een café niet heeft voldaan aan zijn verplichting op grond van art. 3 van het “Besluit uitvoering rookvrije werkplek, horeca en andere ruimten”. Dit ziet o.a.
Hoge Raad doet op 26 februari uitspraak over de navorderingstermijn voor buitenlandse tegoeden
Deze belastingzaak is een vervolg op het tussenarrest van 21 maart 2008 (LJN BA8179), waarbij de Hoge Raad prejudiciële vragen heeft gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen.Het cassatieberoep in deze zaak is namens belanghebbende ingesteld door mr. R.A. Fibbe en mr. L.C.A. Wijsman, beiden advocaat in Rotterdam.De aan het Hof van Justitie gestelde vragen hebben betrekking op de termijn voor navordering van belasting van twaalf jaar voor verzwegen (inkomsten uit) buitenlandse banktegoeden en de mogelijkheid om over die twaalf jaar een boete op te leggen.
Hoge Raad doet op 26 februari uitspraak over de navorderingstermijn voor buitenlandse tegoeden
Hoge Raad doet op 26 februari uitspraak over de navorderingstermijn voor buitenlandse tegoeden
Deze belastingzaak is een vervolg op het tussenarrest van 21 maart 2008 (LJN BA8179), waarbij de Hoge Raad prejudiciële vragen heeft gesteld aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen.Het cassatieberoep in deze zaak is namens belanghebbende ingesteld door mr. R.A. Fibbe en mr. L.C.A. Wijsman, beiden advocaat in Rotterdam.De aan het Hof van Justitie gestelde vragen hebben betrekking op de termijn voor navordering van belasting van twaalf jaar voor verzwegen (inkomsten uit) buitenlandse banktegoeden en de mogelijkheid om over die twaalf jaar een boete op te leggen.
Op dinsdag 23 februari uitspraak Hoge Raad over rookverbod in de horeca
Op dinsdag 23 februari uitspraak Hoge Raad over rookverbod in de horeca
Aan de verdachte is tenlastegelegd dat hij als beheerder van een café niet heeft voldaan aan zijn verplichting op grond van art. 3 van het Besluit uitvoering rookvrije werkplek, horeca en andere ruimten. Dit ziet o.a. op het instellen, aanduiden en handhaven van een rookverbod in de voor het publiek toegankelijke delen van een café, dat wordt geëxploiteerd door een ondernemer zonder personeel. De rechtbank Breda heeft de verdachte ter zake van dit feit vrijgesproken op 3 april 2009 (LJN BH3578).De officier van justitie heeft hoger beroep ingesteld bij het hof in Den Bosch.
Uitspraak Hoge Raad op 12.2.2010 over vergoedingen bij kennelijk onredelijk ontslag (II)
Uitspraak Hoge Raad op 12.2.2010 over vergoedingen bij kennelijk onredelijk ontslag (II)
Bij beëindiging van een arbeidsovereenkomst kan de rechter in sommige gevallen aan de werkgever de verplichting opleggen om een vergoeding aan de werknemer te betalen. Dat kan gebeuren in een procedure tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst (die de werkgever of de werknemer instelt) of in een geding dat de werknemer, na een hem gegeven ontslag, tegen de werkgever aanspant omdat hij meent dat sprake is van een kennelijk onredelijk ontslag.
